Grenzen stellen begint niet met de juiste woorden
“Hoe zeg ik op een goede manier nee?” “Welke woorden kan ik het beste gebruiken?” Het zijn vragen die ik regelmatig hoor. En ergens zijn het ook logische vragen. We denken gemakkelijk dat grenzen stellen vooral een communicatievaardigheid is. Als we maar de juiste woorden vinden, vriendelijk genoeg formuleren en de ander goed uitleggen waarom we iets niet willen, zal het gesprek vanzelf goed verlopen. Maar zo werkt het meestal niet. De meeste mensen weten namelijk best wat ze willen zeggen. Het moeilijke zit vaak ergens anders. Het moeilijke zit in wat er gebeurt op het moment dat je het daadwerkelijk gaat zeggen.
Want wat als de ander teleurgesteld reageert? Wat als iemand boos wordt? Wat als er spanning ontstaat? Wat als iemand je egoïstisch vindt? Of als iemand ineens afstandelijk doet? Op dat moment wordt grenzen stellen iets anders dan alleen maar de juiste woorden kiezen. Je krijgt te maken met je eigen gedachten, gevoelens, overtuigingen en waarden. En juist daar wordt het interessant.
Waarom zeggen we ja als we eigenlijk nee bedoelen?
Misschien herken je het. Iemand vraagt je iets en eigenlijk weet je meteen dat je geen tijd hebt. Of geen zin. Of dat het gewoon niet bij je past. Toch hoor je jezelf zeggen: “Ja hoor, dat kan wel.”
Pas later denk je: waarom heb ik nou weer ja gezegd?
Het antwoord is lang niet altijd dat je niet weet hoe je nee moet zeggen. Misschien weet je dat juist heel goed. Alleen de consequentie van dat nee voelt op dat moment ongemakkelijker dan de consequentie van ja zeggen.
Je voorkomt misschien een schuldgevoel. Of teleurstelling. Een discussie. Afwijzing. Misschien wil je graag aardig gevonden worden. Misschien heb je geleerd dat behulpzaam zijn belangrijk is. Misschien voelt nee zeggen voor jou als egoïstisch.
En dus zeg je ja.
Niet omdat je dat werkelijk wilt, maar omdat je op dat moment iets probeert te vermijden.
Dat is een belangrijk onderscheid. Want zolang je alleen naar het zichtbare gedrag kijkt — iemand zegt ja terwijl hij nee wil zeggen — mis je een groot deel van wat er werkelijk gebeurt.
Achter je gedrag zit een reden
Binnen NLP kijken we niet alleen naar wat iemand doet. We zijn ook geïnteresseerd in de interne processen die het gedrag aansturen. Welke gedachte gaat eraan vooraf? Welke overtuiging speelt mee? Wat probeert iemand te bereiken? En wat probeert iemand juist te voorkomen?
Bij grenzen stellen zie je vaak dat iemand iets belangrijks probeert te beschermen. Tijd, rust, vrijheid, gezondheid, gezin, verbinding, autonomie of eigenwaarde.
Daarom vind ik de vraag “Hoe moet ik nee zeggen?” eigenlijk minder interessant dan de vraag:
“Wat maakt het voor mij zo moeilijk om nee te zeggen?”
En daarna:
“Wat vind ik belangrijk genoeg om hiervoor mijn grens te stellen?”
Dat brengt je bij waarden.
Een grens zegt iets over wat voor jou belangrijk is
Een grens staat bijna nooit op zichzelf. Je stelt een grens omdat er iets is wat voor jou belangrijker is dan wat er op dat moment van je gevraagd wordt.
Als je nee zegt tegen nog een afspraak, kan dat een ja zijn tegen rust.
Als je nee zegt tegen overwerk, kan dat een ja zijn tegen je gezin.
Als je nee zegt tegen een verzoek dat eigenlijk niet bij je past, kan dat een ja zijn tegen integriteit.
Je zegt dus niet alleen ergens nee tegen. Je kiest tegelijkertijd ergens vóór.
En wanneer je dat bewust gaat zien, verandert er iets. Je grens wordt minder een afwijzing van de ander en meer een keuze voor jezelf.
Dat betekent overigens niet dat het ineens gemakkelijk wordt. Je kunt heel goed weten wat belangrijk voor je is en het toch spannend vinden om daarnaar te handelen.
Daar zit een belangrijk stuk persoonlijke ontwikkeling.
De reactie van de ander is niet van jou
Een van de lastigste dingen bij grenzen stellen is dat we vaak proberen de reactie van de ander te managen.
We willen graag een nee kunnen zeggen zonder dat de ander teleurgesteld raakt. We willen duidelijk zijn zonder dat er spanning ontstaat. We willen voor onszelf kiezen en tegelijkertijd willen we dat iedereen dat prima vindt.
Maar dat kan niet altijd.
Je kunt zorgvuldig communiceren en iemand toch teleurstellen. Je kunt vriendelijk nee zeggen en toch een boze reactie krijgen. Je kunt heel duidelijk zijn en nog steeds niet weten wat de ander met jouw grens doet.
Daarom is misschien een veel interessantere vraag:
“Kan ik de reactie van de ander verdragen zonder mijn eigen grens weer in te trekken?”
Daar zit een groot deel van de werkelijke vaardigheid.
Grenzen stellen gaat dus niet alleen over communicatie. Het gaat ook over emotionele flexibiliteit. Kun je spanning voelen en toch blijven staan? Kun je schuldgevoel ervaren zonder automatisch toe te geven? Kun je iemand teleurstellen zonder daaruit de conclusie te trekken dat je iets verkeerd hebt gedaan?
De Criteria Spin: wat stuurt jouw gedrag?
Een oefening die hier mooi op aansluit binnen NLP is de Criteria Spin. Deze techniek onderzoekt welke criteria en waarden onder een bepaald gedrag liggen en welke daarvan uiteindelijk belangrijker blijken te zijn. Door verschillende criteria met elkaar te verbinden en steeds verder te onderzoeken wat iets voor iemand betekent, ontstaat vaak een verrassend inzicht in wat iemand werkelijk probeert te bereiken.
Stel bijvoorbeeld dat iemand steeds ja zegt terwijl hij eigenlijk nee wil zeggen.
Op het eerste niveau kan het antwoord zijn: “Ik wil behulpzaam zijn.”
Maar als je verder onderzoekt wat behulpzaam zijn hem oplevert, kan daar iets anders onder liggen: “Dan voel ik me gewaardeerd.”
En wat levert gewaardeerd worden op?
“Dan voel ik dat ik erbij hoor.”
En wat betekent erbij horen?
“Dat ik belangrijk ben voor anderen.”
Dan blijkt misschien dat het gedrag helemaal niet primair gaat over behulpzaam willen zijn. Het gaat veel dieper.
Het gaat misschien over erbij horen. Over verbinding. Over waardevol zijn.
En daarmee verandert ook de manier waarop je naar het probleem kijkt.
Want als iemand alleen leert om “nee” te zeggen, maar de onderliggende behoefte blijft bestaan, is het niet vreemd als het oude gedrag steeds weer terugkomt.
De Criteria Spin helpt juist om daaronder te kijken: wat probeert dit gedrag mij eigenlijk te geven?
Soms moet je niet je gedrag veranderen, maar begrijpen wat het gedrag voor je doet
Dat vind ik een van de interessante aspecten van NLP. Gedrag dat je zelf lastig vindt, heeft vaak ooit een functie gekregen.
Het steeds ja zeggen kan je bijvoorbeeld jarenlang hebben geholpen om conflicten te voorkomen, waardering te krijgen of je verbonden te voelen met anderen.
Dan is het niet zo vreemd dat je brein dit gedrag blijft inzetten.
Het probleem is alleen dat wat ooit nuttig was, niet automatisch voor altijd nuttig blijft.
Je kunt inmiddels een andere levensfase hebben. Andere verantwoordelijkheden. Andere waarden. Andere behoeften.
En dan kan hetzelfde gedrag dat je vroeger hielp, je nu juist in de weg zitten.
De vraag wordt dan niet alleen: “Hoe stop ik hiermee?”
Maar ook:
“Wat probeerde ik hiermee voor mezelf te bereiken?”
En vervolgens:
“Kan ik dat tegenwoordig op een andere manier bereiken?”
Daar ontstaat keuzevrijheid.
Niet vechten tegen jezelf
Ook het werk van Diederik Wolsak vind ik in dit kader interessant. Zijn Choose Again – Six Steps to Freedom vertrekt vanuit een ander kader dan NLP, maar raakt aan een vergelijkbaar punt: wat gebeurt er in jezelf wanneer je wordt geraakt, en welke overtuiging over jezelf ligt daaronder?
Wolsak begint niet met het veranderen van het gedrag. Eerst wordt de upset opgemerkt. Vervolgens wordt onderzocht welke rol je eigen interpretatie speelt, wat je daadwerkelijk voelt en welke overtuiging over jezelf onder die ervaring ligt. Vanuit dat inzicht ontstaat de mogelijkheid om opnieuw te kiezen.
Dat vind ik een waardevolle aanvulling op het werken met grenzen.
Want misschien is het probleem niet alleen dat je geen nee zegt.
Misschien gebeurt er iets in je op het moment dat je denkt dat iemand teleurgesteld in je is.
Misschien voel je je ineens schuldig.
Misschien schiet je terug naar een oude overtuiging: ik doe het niet goed, ik ben lastig, ik ben egoïstisch, ik hoor er niet bij.
Dan gaat het gesprek allang niet meer alleen over die ene vraag van je collega, partner, vriend of familielid.
Er wordt iets veel ouds geraakt.
En wanneer je dat gaat herkennen, ontstaat er ruimte tussen de gebeurtenis en je automatische reactie.
Een grens hoeft niet hard te zijn
Grenzen stellen betekent overigens niet dat je harder moet worden.
Je kunt iemand begrijpen en toch nee zeggen.
Je kunt rekening houden met de ander en tegelijkertijd rekening houden met jezelf.
Je kunt zeggen:
“Ik begrijp dat je graag wilt dat ik dit oppak, maar ik heb daar op dit moment geen ruimte voor.”
Daar hoeft geen lange verdediging achteraan.
Je hoeft de ander niet te overtuigen dat jouw grens terecht is. Je hoeft ook niet te zorgen dat de ander het ermee eens is.
Een grens is geen onderhandeling over jouw bestaansrecht.
Het is informatie over waar jij staat.
De perfecte zin bestaat niet
Er bestaat geen magische zin waarmee je ervoor zorgt dat iedereen jouw grens begrijpt, accepteert en er blij mee is.
En misschien hoeven we daar ook niet langer naar op zoek.
De werkelijke vraag is niet:
“Hoe zorg ik ervoor dat de ander mijn nee goed vindt?”
Maar:
“Kan ik mijn nee op een respectvolle en congruente manier uitspreken en tegelijkertijd verdragen dat de ander daar misschien iets van vindt?”
Dat is een heel andere vaardigheid.
Je leert dan niet alleen beter communiceren. Je leert jezelf beter kennen.
Je ontdekt welke overtuigingen je gedrag sturen, welke waarden voor jou werkelijk belangrijk zijn en waar je jezelf misschien nog laat leiden door de behoefte om ongemak te vermijden.
Grenzen stellen is uiteindelijk een keuze
Misschien begint grenzen stellen daarom helemaal niet met leren nee zeggen.
Het begint met leren herkennen wat er in jou gebeurt wanneer je nee wilt zeggen.
Welke gedachte komt er op?
Welk gevoel ontstaat er?
Wat probeer je te voorkomen?
Welke waarde wil je eigenlijk beschermen?
En welke overtuiging maakt het moeilijk om daarvoor te kiezen?
Wanneer je daar zicht op krijgt, ontstaat er iets wat veel belangrijker is dan de perfecte formulering.
Keuzevrijheid.
Je hoeft niet meer automatisch ja te zeggen omdat je bang bent voor de reactie van de ander. Je kunt voelen dat je het spannend vindt en toch kiezen.
Niet omdat je de ander niet belangrijk vindt.
Maar omdat jij óók belangrijk bent.
En misschien is dat uiteindelijk waar gezonde grenzen over gaan: niet leren hoe je de ander op afstand houdt, maar leren hoe je dicht bij jezelf kunt blijven terwijl de ander gewoon de ander mag zijn.
Een vraag om mee te nemen: waar zeg jij op dit moment misschien ja, terwijl je eigenlijk nee bedoelt? En als je daar eerlijk naar kijkt: welk ongemak probeer je met dat ja te vermijden — en welke waarde zou je beschermen als je wél je grens zou aangeven?
Wil je dit niet alleen leren, maar ook echt ervaren en toepassen? Dan is de NLP Master Practitioner misschien precies wat je zoekt.