Het verhaal dat je jezelf vertelt, stuurt je leven

Iedereen loopt rond met een verhaal over zichzelf.
Over waarom iets niet lukte.
Waarom dat werk stopte.
Waarom jij steeds nét niet doorpakt waar anderen wel doorgaan.

En elke keer dat je dat verhaal herhaalt, ben je niet alleen aan het terugkijken.
Je bent aan het voorsorteren op wat hierna komt.

Verhalen zijn geen onschuldige herinneringen.
Ze zijn “instructies” voor je brein.

Zeg vaak genoeg: “Ik ben nou eenmaal geen doorzetter”
en je zenuwstelsel gaat automatisch situaties vermijden waarin doorzetten nodig is.
Vertel jezelf: “Ik ben niet zo goed in grenzen aangeven”
en je merkt dat je telkens nét te laat iets zegt.

Rond het einde van het jaar gebeurt dit massaal.
We maken de balans op en zonder het door te hebben, herhalen we precies de verhalen die ons klein hielden.

Wat eronder zit

In NLP noemen we dit een overtuigingslus.
Een verhaal bevat altijd een conclusie over wie je bent en wat je kunt.
Die conclusie stuurt je gedrag, je keuzes en zelfs wat je wel of niet ziet als mogelijkheid.

Twee mensen maken hetzelfde mee.

Ze krijgen allebei stevige feedback op hun werk.

De één vertelt:
“Zie je wel, ik kan dit gewoon niet. Ik moet harder mijn best doen om niet door de mand te vallen.”

De ander vertelt:
“Interessant. Dit laat me zien waar ik nog kan groeien.”

Zelfde gebeurtenis.
Totaal andere interne programmering.

Het eerste verhaal verkleint.
Het tweede vergroot capaciteit.

Je verhaal herschrijven (zonder jezelf voor de gek te houden)

Niet door feiten te veranderen, maar door de betekenis te verschuiven.

Drie simpele stappen:

  1. Vang je automatische verhaal
    Niet wat je aan anderen vertelt, maar wat je in stilte tegen jezelf zegt.
    Let vooral op de conclusie:
    “Dit gebeurde, dus ik ben blijkbaar zo.”
  2. Ontmasker de beperking
    Zinnen als:
    – “Omdat dit misging, ben ik hier niet voor gemaakt.”
    – “Omdat ik dit spannend vind, kan ik dit niet.”
    Dat zijn geen waarheden. Dat zijn generalisaties.
  3. Zoek de hulpbron die je overslaat
    Waar was je wél toe in staat?
    Misschien was je moedig. Of betrokken. Of bereid om te leren.
    Die kwaliteit is óók waar — alleen minder geoefend.
Herschrijf dan alleen de laatste zin.
Gebruik “en” in plaats van “maar”:
  • “Ik stelde het gesprek uit, én ik merkte hoe belangrijk eerlijkheid voor me is.”
  • “Het project liep vast, én ik bleef verantwoordelijkheid nemen.”
  • “Ik vond het spannend, én ik ging toch.”

Waarom dit werkt

Je brein maakt geen onderscheid tussen wat je herinnert en wat je herhaalt.
Elke keer dat je een verhaal vertelt, activeer je dezelfde netwerken.
Doe je dat met een beperkende conclusie, dan oefen je beperking.
Doe je het met een ruimer kader, dan train je keuzevrijheid.

In het begin voelt dat misschien onwennig.
Alsof je iets mooier maakt dan het was.

Maar je liegt niet.
Je stopt alleen met jezelf reduceren tot één conclusie.

En op een gegeven moment merk je iets anders:
je hoeft je verhaal niet meer achteraf te corrigeren,
omdat je gebeurtenissen anders begint te beleven terwijl ze gebeuren.

De verschuiving gaat van:
“Dit overkwam mij”
naar
“Dit is hoe ik ermee omga.”

Dat is geen trucje.
Dat is identiteitswerk.

Het verleden ligt vast.
De betekenis niet.

Welke zin vertel jij jezelf die je klein houdt? En zou je deze gemakkelijk kunnen herschrijven?